Homeopathie van A tot Z: Bedplassen-Blessures-Bijholtes

Ook in deze aflevering gaan we weer alfabetisch langs kleine, maar lastige kwaaltjes, waarbij een homeopathische aanpak uitkomst kan bieden: bedplassen, blessures en verwondingen en bijholteontstekingen.

Ook in deze aflevering gaan we weer alfabetisch langs kleine, maar lastige kwaaltjes, waarbij een homeopathische aanpak uitkomst kan bieden.

Bedplassen
De meeste kinderen krijgen voor het 4e levensjaar genoeg controle over hun blaassluitspier om het ook in hun slaap droog te houden. Als dat op wat oudere leeftijd nog steeds niet gelukt is, kan het kind er echt last van krijgen. Het is natuurlijk niet prettig om steeds maar weer in een nat bed wakker te worden. Een kind kan zich onzeker gaan voelen ten opzichte van leeftijdgenootjes en er heel erg tegenop gaan zien om op schoolkamp of uit logeren te gaan.

Het probleem is meestal in één keer opgelost als de besturing van de blaas een definitief plekje in de hersenen heeft gekregen. Een heel geschikt homeopathisch middel om dit proces te versnellen is Causticum (gemaakt van gebrande marmerkalk). Dit middel verbetert de zenuwgeleiding van blaas naar hersenen, zodat de prikkel om de plas op te houden ook aankomt in de allerdiepste slaap, ongeveer een uur na het inslapen. Andere beproefde homeopathische middelen bij bedplassen zijn Pulsatilla (wildemanskruid), Equisetum (paardenstaart), Zincum en, bij oudere jongens en meisjes, Kalium carbonicum.

Blessures en verwondingen
Bij kneuzingen, zwellingen en blauwe plekken is Arnica montana (het valkruid) onovertroffen. Iedereen die ooit zijn beurse, blauwe plekken heeft zien verdwijnen als sneeuw voor de zon na het innemen van enkele korrels Arnica, zal dit wondermiddel onmiddellijk aan zijn huisapotheek toevoegen. Bij diepere kneuzingen zoals na een operatie of na een bevalling kunt u zich wenden tot een familielid uit dezelfde plantenfamilie als van Arnica, namelijk tot Bellis perennis, oftewel het madeliefje.

Voor een sneller herstel van botbreuken kan Symphytum (smeerwortel) goede diensten bewijzen. Bij bijt- en steekwonden kunt u beter Ledum palustre (moerasrozemarijn) gebruiken en bij spier- en peesblessures  Ruta (wijnruit).

Bijholteontstekingen
In de botstructuur van de schedel zitten achter, onder en boven de ogen diverse luchtgaten. Deze luchtgaten, neusbijholtes of sinussen genoemd, geven het hoofd een lichte, maar solide constructie. De relatief zware hersenen worden zo goed beschermd, maar het hoofd wordt niet te zwaar om gedragen te worden door de nek. Wat is het menselijk lichaam toch effectief geconstrueerd!

Wat misschien iets minder goed gelukt is aan die neusbijholtes is dat ze verstopt kunnen raken. Door een vernauwing en/of een grote hoeveelheid snot, bijvoorbeeld bij een fikse verkoudheid, neuspoliepen of een allergie, kunnen de holtes overvol raken en gaan ontsteken. Zo’n ontsteking kan gepaard gaan met hoofdpijn, kaakpijn, een verstopt gevoel en taai snot met soms wat bloed erin.

Een homeopathisch middel bij neusbijholteontsteking (sinusitis) hoort snel te werken en de kans op herhaling te verkleinen. De beste middelen in de dagelijkse praktijk zijn: Belladonna, bij gezwollen slijmvliezen en heftige pijn; Kalium bichromicum, bij taai slijm en pijn boven de neus; Cinnabaris, bij rode ogen en pijnlijke oogkassen en traanbuizen; Hydrastis, bij taai en bloederig geel snot.

Homeopathie bij allergieën

De cijfers liegen er niet om: één op de vier Nederlanders heeft aanleg voor allergie, 20 tot 30 procent van de bevolking heeft last van een ademhalingsallergie, 6 procent van de kinderen heeft een voedselallergie. Ieder jaar verdubbelt het aantal allergische patiënten, men verwacht zelfs dat in 2010 de helft van de jonge kinderen allergisch zal zijn. Deze explosieve toename van het aantal allergiepatiënten wordt veroorzaakt door een combinatie van factoren. Erfelijke aanleg speelt een belangrijke rol, maar ook luchtvervuiling, antibioticagebruik en vaccinaties. We zijn in de loop der tijd anders gaan eten: meer suiker, meer exotische voedingsmiddelen en er zijn meer bloeiende en uitheemse planten in de natuur. Veel kinderen spelen tegenwoordig weinig buiten en groeien daardoor op in een té schone leefomgeving: ook dat lijkt een belangrijke oorzaak te zijn bij het ontstaan van allergische reacties.

De cijfers liegen er niet om: één op de vier Nederlanders heeft aanleg voor allergie, 20 tot 30 procent van de bevolking heeft last van een ademhalingsallergie, 6 procent van de kinderen heeft een voedselallergie. Ieder jaar verdubbelt het aantal allergische patiënten, men verwacht zelfs dat in 2010 de helft van de jonge kinderen allergisch zal zijn.

Deze explosieve toename van het aantal allergiepatiënten wordt veroorzaakt door een combinatie van factoren. Erfelijke aanleg speelt een belangrijke rol, maar ook luchtvervuiling, antibioticagebruik en vaccinaties. We zijn in de loop der tijd anders gaan eten: meer suiker, meer exotische voedingsmiddelen en er zijn meer bloeiende en uitheemse planten in de natuur. Veel kinderen spelen tegenwoordig weinig buiten en groeien daardoor op in een té schone leefomgeving: ook dat lijkt een belangrijke oorzaak te zijn bij het ontstaan van allergische reacties.

Allergische overgevoeligheid
In ons lichaam werkt het zogenaamde immuunsysteem. Zogauw een schadelijke stof ons lichaam binnenkomt, gaat dit systeem aan de slag om deze stof onschadelijk te maken en zo ons lichaam gezond te houden. Een allergie is een overdreven heftige reactie van dit afweersysteem op ogenschijnlijk vrij onschuldige stoffen. Om een aantal bekende allergieveroorzakers te noemen: voedingsmiddelen als melk, noten en fruit; verder cosmetica, wol, huisstof(mijt), stuifmeel, gras, honden, katten, paarden, vogels, nikkel en vele soorten geneesmiddelen. Eczeem, astma, darmstoornissen en hooikoorts zijn de bekendste gevolgen met de daarbij behorende klachten als jeuk, benauwdheid, diarrhee, niezen, tranende ogen, netelroos (“galbulten”) etc. Heel lastig en vervelend, vooral omdat je in het begin vaak helemaal niet weet waar je precies zo overgevoelig op reageert.

Homeopathisch praktijkvoorbeeld
Arno is een lange, bleke, onrustige jongen van 10 jaar. Zijn moeder vertelt dat hij al als heel klein kind veel last had van steeds terugkerende verkoudheden, middenoorontstekingen en eczeem. De laatste jaren is hij ook steeds vaker benauwd. Arno denkt zelf dat het aan de kat ligt. Voor zijn astma krijgt hij inhalatiemedicijnen van de huisarts.

Om de allergische aanleg van Arno aan te pakken, krijgt hij allereerst het homeopathische middel Tuberculinum. Oorspronkelijk werd Tuberculinum gemaakt van tuberculoseweefsel. Dat klinkt misschien een beetje griezelig, maar door het bewerken tot homeopathisch geneesmiddel hoeft u voor zo’n middel niet bang te zijn.

Nadat hij dit middel twee keer heeft ingenomen, valt het iedereen op dat Arno rustiger wordt en hij merkt zelf dat hij veel minder heftig op de kat reageert.

In het hooikoortsseizoen, als de grassen bloeien, geef ik hem Sabadilla (nieskruid). Het helpt prima bij hem tegen het niezen en de benauwdheid. Nadat ook deze klachten duidelijk verbeterd zijn, geef ik hem nog Calcium phosphoricum, een homeopathisch middel dat heel goed bij de gehele persoonlijkheid van Arno past. Homeopathische artsen noemen zo’n persoonlijk passend middel een constitutiemiddel. Arno voelt zich hierna letterlijk beter in zijn vel zitten, zijn eetlust is toegenomen en zijn eczeem is bijna helemaal weg. Opvallend is ook dat zijn schoolprestaties duidelijk verbeteren!

Bij de behandeling van allergieën geeft de homeopathische arts vaak eerst een middel om de allergische aanleg te verminderen, daarna een middel om de acute klachten aan te pakken en tenslotte een constitutiemiddel: bij Arno en zijn moeder kan de homeopathie niet meer stuk.

Homeopathie en huilbabies

Regelmatig worden homeopathische artsen geraadpleegd door ouders die ten einde raad zijn omdat hun kind ondanks alle goedbedoelde adviezen van vrienden, familie, wijkzuster etc. maar blijft huilen.
Huilbabies worden ze genoemd: zuigelingen die meerdere uren per dag (en nacht!) gedurende meerdere weken achter elkaar minimaal een aantal dagen per week huilen.

Regelmatig worden homeopathische artsen geraadpleegd door ouders die ten einde raad zijn omdat hun kind ondanks alle goedbedoelde adviezen van vrienden, familie, wijkzuster etc. maar blijft huilen.
Huilbabies worden ze genoemd: zuigelingen die meerdere uren per dag (en nacht!) gedurende meerdere weken achter elkaar minimaal een aantal dagen per week huilen.

Darmkrampjes
Vaak wordt het huilen veroorzaakt door darmkrampjes, dit wordt vooral duidelijk als een gezonde baby plots zonder reden ontroostbaar begint te huilen, de beentjes optrekt of juist overstrekt, een opgezette buik heeft, moeite met ontlasting heeft en veel winden laat.

Als alle maatregelen, zoals aanpassing van de voeding van de zogende moeder of verandering van de samenstelling van de flesvoeding hebben gefaald kunnen de volgende homeopathische middelen helpen:

Chamomilla (Kamille): de baby is uiterst prikkelbaar en onrustig van de pijn, alleen ronddragen en wiegen heeft tijdelijk succes; vlagen van koliekpijn met rode wangen.

Colocynthis (soort pompoen): heftige buikkrampjes en diarrhee, de baby heeft de beentjes opgetrokken of ligt op de buik en is heel snel geïrriteerd.

Lycopodium (Wolfsklauw): hier overheerst de opgeblazenheid met darmrommelingen en winderigheid, de krampen zijn het ergst tussen 16.00 en 20.00 uur.

Dioscorea (wilde yam): hierbij is kenmerkend dat er verlichting optreedt als de baby zich overstrekt.

Aluminium is het belangrijkste homeopathische middel voor zuigelingen die forse obstipatie krijgen bij de overgang van borstvoeding naar flesvoeding.

Overige oorzaken
Niet alle huilbabies hebben last van buikkrampen, ook andere ongemakken (zoals eczeem, honger, te warm of te koud hebben, inentingen, afwezigheid van ouders etc.) kunnen onrust veroorzaken bij gevoelige babies. In zo’n geval, maar ook als ouders en artsen geen enkele oorzaak voor het huilen hebben kunnen vinden, kunnen homeopathische middelen als Cypripedium (een orchidee), Coffea (gemaakt van de koffieboon), Piper methysticum (Kava), Valeriaan en Scutellaria (Glidkruid) uitkomst bieden.

ADHD

Hyperactieve kinderen werden ze vroeger genoemd, tegenwoordig heten ze met een lelijk woord ADHD-kinderen (Attention Deficit Hyperactivity Disorder); in de dagelijkse praktijk hebben we het over kinderen (meestal jongens) die niet stil kunnen zitten, snel afgeleid zijn, iedere impuls volgen zonder na te denken en die (in tegenstelling tot hun omgeving!) maar nooit moe lijken te worden.

Hyperactieve kinderen werden ze vroeger genoemd, tegenwoordig heten ze met een lelijk woord ADHD-kinderen (Attention Deficit Hyperactivity Disorder); in de dagelijkse praktijk hebben we het over kinderen (meestal jongens) die niet stil kunnen zitten, snel afgeleid zijn, iedere impuls volgen zonder na te denken en die (in tegenstelling tot hun omgeving!) maar nooit moe lijken te worden.

Huidige opvattingen over ADHD
Wetenschappers zijn het er over eens dat een ADHD-stoornis voor een  deel erfelijk bepaald is, maar ook problemen bij de bevalling, ziektes in het eerste levensjaar, voedingsmiddelen (suiker) en omgevingsfactoren (de moderne tijd: opgroeien met veel snelle en harde prikkels) lijken van invloed te zijn. Geadviseerd wordt om bij deze hyperactieve kinderen een strikte, consequente opvoeding en begeleiding te geven met veel structuur en weinig heftige prikkels, eventueel in combinatie met gedragstherapie.

Ritalin
Steeds vaker wordt medicatie ingezet bij ADHD-kinderen, met name Ritalin; dit geneesmiddel bevat tegenstrijdig genoeg een soort amfetamine (“speed”) die bij deze kinderen juist de impulsiviteit afremt en daardoor de concentratie verbetert. In 1997 werd 65-duizend maal Ritalin voorgeschreven, in 1999 wordt een stijging naar 160-duizend recepten verwacht!

Homeopathische middelen bij ADHD
Een goed homeopathisch medicijn moet niet alleen passen bij de rusteloosheid en impulsiviteit van het kind, maar ook bij andere opvallende kenmerken zoals voedingvoorkeur, temperatuurgevoeligheid, dromen, slaappatroon etc. In de natuur bestaat een aantal planten, minerale en dierlijke produkten die een vergiftigingsbeeld geven dat lijkt op het ADHD-beeld; als homeopathisch geneesmiddel kunnen deze stoffen juist de onrust, de heftigheid en de concentratiestoornissen van het hyperactieve kind verminderen.

Enkele voorbeelden uit de homeopathische praktijk
– Arsenicum jodatum: hyperactieve kinderen die het snel warm hebben, niet stil kunnen zitten en de neiging hebben dingen stuk te scheuren; vaak verstopte neus, verstopte oren, hooikoorts, astma.
– Agaricus (vliegenzwam): grappige kinderen, nemen graag anderen in de maling, durven alles en zijn dan moeilijk af te remmen; deze kinderen leren vaak laat lopen door hun houterige, onhandige motoriek.
– Cina (levantalsem, een soort absintachtige plant): zeer prikkelbare kinderen die steeds iets anders willen, kunnen enorm dwars zijn (ze kunnen zelfs de moedermelk weigeren); vaak verkouden of last van de darmen.
– Tarantula (de grote wolfsspin): kinderen met een tomeloze energie, ze zingen en dansen en springen en rennen en gunnen zich soms nauwelijks tijd om te slapen (ze kunnen zelfs ’s nachts nog rondjes gaan rennen om tot rust te komen!); ze houden enorm van muziek met een hard en snel ritme.
– Veratrum album (witte nieswortel): rusteloosheid en een overmaat aan energie bij hele slimme kinderen die mentaal zo overprikkeld kunnen raken dat ze soms manisch gedrag gaan vertonen; in de tropen wordt Veratrum bij ernstige diarree (cholera) gebruikt.

Dit was slechts een kleine greep uit een groot aantal homeopathische stoffen die bij ADHD-kinderen gebruikt worden. Ook andere onrustige kinderen, zoals huilbaby’s hebben vaak baat bij deze groep middelen, hierover in een volgende aflevering van Homeopathische Praktijk meer.

Verkouden kinderen

Sommige kinderen kunnen regelmatig, en naar het lijkt zonder enige aanleiding, grieperig worden: het hoofd en de neus zitten vol, het kind is afwisselend rillerig en zweterig, de temperatuur kan wel tot ruim over de 39 graden stijgen. Het zieke kind maakt een duffe, afwezige indruk en klaagt over een beurse pijn in alle botten en spieren (een gevoel dat we goed kennen als we als volwassenen griep krijgen).

Sommige kinderen kunnen regelmatig, en naar het lijkt zonder enige aanleiding, grieperig worden: het hoofd en de neus zitten vol, het kind is afwisselend rillerig en zweterig, de temperatuur kan wel tot ruim over de 39 graden stijgen. Het zieke kind maakt een duffe, afwezige indruk en klaagt over een beurse pijn in alle botten en spieren (een gevoel dat we goed kennen als we als volwassenen griep krijgen).

Verminderde weerstand
Als een kind steeds maar weer koortsig en verkouden wordt, kan dit bijvoorbeeld veroorzaakt worden door problemen met de buis van Eustachius, vergrote neus- en keelamandelen, of door een astmatische aanleg. Als er geen duidelijke oorzaak is aan te wijzen voor de terugkerende klachten lijkt het wel alsof er “gewoon” een verminderde weerstand tegen infecties bestaat bij deze kinderen.

Composieten (zonnebloemachtigen)
Een homeopathisch arts geeft bij kinderen met verminderde weerstand vaak een homeopathisch middel dat bereid is uit de uitgebreide familie van de Composieten of zonnebloemachtigen. De totale familie bestaat uit wel 25.000 soorten die over de hele wereld in alle klimaten groeien. Tot deze familie behoren bijvoorbeeld de artisjok, witlof, sla en andijvie, maar ook het madeliefje, de zonnebloem, paardenbloem, korenbloem, kamille, duizendblad, de aster en de goudsbloem.

Waterhennep
Een plant uit de composietenfamilie die we homeopathisch vaak in de acute fase van verkoudheid gebruiken is de waterhennep (Eupatorium); in het Materia Medica-boek lezen we het oorspronkelijke vergiftigingsbeeld van deze plant dat overeenkomt met de ons welbekende griepverschijnselen: “hevige, zeurende pijn in de botten alsof ze zullen breken; beurs gekneusd gevoel in de spieren van borst, rug en ledematen; rusteloosheid, misselijkheid en rillerigheid; bonzende hoofdpijn, rauw gevoel in keel en luchtpijp; hevige koude rillingen die beginnen op de rug”.

Homeopathie thuis
Een zonnebloemachtig plantje dat inmiddels door half Nederland geslikt lijkt te worden is de smalle purperhoed (Echinacea). Het is inderdaad een plant met goede infectiewerende kwaliteiten (vroeger werd het bv. bij kraamvrouwenkoorts, slangenbeten en steenpuisten gebruikt), maar in de vorm waarin het tegenwoordig alom verkrijgbaar is, is het plantje zo weinig homeopathisch gepotentieerd dat het bij langdurig gebruik juist infecties, puisten en zweren en ook vermoeidheid kan opwekken.

Mijn advies: kortdurend gebruiken bij dreigende griep of verkoudheid, maar niet zomaar maanden (of jaren) achter elkaar innemen, want dan is het effect averechts!

Kindertypes

In de vorige aflevering heb ik een aantal homeopathische signalementen besproken; deze zijn belangrijk voor de keuze van het beste homeopathische geneesmiddel, omdat de specifieke kenmerken van een patiënt minstens even belangrijk zijn als de symptomen van zijn ziekte. Bij kinderen is dit nog duidelijker; hier is immers het natuurlijke beeld vaak nog in volle omvang waar te nemen en niet verstoord door langdurig medicijngebruik, operaties of overmatige beleefdheid.

In de vorige aflevering heb ik een aantal homeopathische signalementen besproken; deze zijn belangrijk voor de keuze van het beste homeopathische geneesmiddel, omdat de specifieke kenmerken van een patiënt minstens even belangrijk zijn als de symptomen van zijn ziekte. Bij kinderen is dit nog duidelijker; hier is immers het natuurlijke beeld vaak nog in volle omvang waar te nemen en niet verstoord door langdurig medicijngebruik, operaties of overmatige beleefdheid.

Ter illustratie een aantal veel gebruikte homeopathische middelen en het bijbehorende type kind:

Calcium carbonicum:
een stevig, mollig kind met slappe spieren, kan wat traag en sloom overkomen, laat met tandjes krijgen en leren lopen; kan angstig (spoken, monsters) en nerveus zijn vooral voor het slapen gaan; kinderen die altijd maar snotterig zijn, snel transpireren, trage stoelgang, dol op ijs en eieren.

Silicea (siliciumoxyde):
een fijngebouwd, tenger, kouwelijk kind dat snel in zijn schulp kruipt maar ook behoorlijk koppig kan zijn; lust geen melk of moet ervan overgeven, kan vaak heftig reageren op inentingen; vaak verkouden, oorontstekingen, slecht genezende wondjes; bij oudere kinderen: acné.

Pulsatilla (wildemanskruid):
zachtaardig, lief en verlegen kind; vaak blond haar en blauwe ogen; wil graag geknuffeld worden, stemming kan snel omslaan (Jantje lacht, Jantje huilt); drinkt weinig, kan niet tegen vet eten; het kind kan slecht tegen warmte, het wordt dan lusteloos en hangerig.

Sulfur (zwavel):
ongeduldige, prikkelbare kinderen met een ruwe huid en vaak rode lippen, oogranden, oren; ze weten alles beter en hebben een hekel aan inmenging, ze zitten vol plannen en fantasieën; enorme zoetekauw, diarree door melk.

Chamomilla (kamille):
het kind is volstrekt onhandelbaar en niet tot bedaren te brengen; meestal is er een soort razernij ten gevolge van oorpijn, buikpijn of het doorkomen van een tandje; het wil constant rondgedragen worden, anders is er geen land mee te bezeilen.

Vaak reageren kinderen snel en goed op het juiste homeopathische geneesmiddel; ze ontwikkelen zich daarna wat vlotter, gaan beter slapen en ouders en omgeving zien dat het kind energieker en blijer is.